Archeologisch onderzoek laten uitvoeren?
Heb je bouw- of sloopplannen? In sommige delen van de stad moet je dan eerst archeologisch onderzoek doen. Bespreek je plannen zo vroeg mogelijk met ons, voordat je een omgevingsvergunning aanvraagt. Soms kan een plan zo aangepast worden, dat archeologisch onderzoek misschien niet nodig is of minder kost. Wij denken graag met je mee.
Weten of archeologisch onderzoek nodig is?
Archeologisch onderzoek
Het onderzoek begint met een archeologisch bureauonderzoek. We toetsen de geplande ingrepen getoetst dan aan het archeologiebeleid. En adviseren of er een vervolgonderzoek nodig is. Het vervolgonderzoek kan door de gemeente (Archeologie Deventer) uitgevoerd worden, maar ook door een archeologisch bedrijf.
Veldonderzoek door archeologisch bedrijf
Voor het uitvoeren van archeologisch onderzoek door een archeologisch bedrijf, is altijd goedkeuring nodig van het bevoegd gezag, vertegenwoordigd door de gemeentelijk archeoloog. Ook moet een programma van eisen goedgekeurd zijn. Archeologie Deventer kan een programma van eisen voor je opstellen. Neem contact(Verwijst naar een e-mailadres) op voor een offerte.
Wil je bouwen op een plek waar archeologische resten in de bodem zitten? Dan hoeft dat een bouwplan niet in de weg te staan. Soms kan het plan zo aangepast worden, dat de resten in de grond bewaard blijven. Denk bijvoorbeeld aan een andere manier van funderen. Dan kan het terrein toch ontwikkeld worden, zonder dat er een dure opgraving nodig is. Dit noemen we archeologievriendelijk bouwen.
Heb je plannen? Vraag dan gratis advies bij de gemeente Deventer via archeologie@deventer.nl(Verwijst naar een e-mailadres).
Voordat er archeologisch onderzoek wordt uitgevoerd, moet een Programma van Eisen (PvE) geschreven worden. In dit document wordt het doel van het onderzoek beschreven en hoe dat onderzoek wordt uitgevoerd. Ook worden er onderzoeksvragen gesteld, waardoor we meer van de geschiedenis en de ontwikkeling van de plek te weten komen. Ook worden er regels en randvoorwaarden beschreven waaraan het onderzoek moet voldoen. Het PvE moet altijd goedgekeurd worden door het Bevoegd Gezag van de gemeente. Bij gemeente Deventer wordt het Bevoegd gezag vertegenwoordigd door de gemeentelijk archeoloog. Pas daarna mag het onderzoek uitgevoerd worden. Met een PvE kan een opdrachtgever ook bij verschillende archeologische bedrijven een offerte aan vragen voor het onderzoek.
Bij een bureauonderzoek en een booronderzoek is een Programma van Eisen niet verplicht. Bij een booronderzoek moet wel een Plan van Aanpak opgesteld worden. We adviseren om dit Plan van Aanpak voor te leggen aan het Bevoegd Gezag.
In sommige gevallen is de kans op het aantreffen van archeologische resten klein, maar kunnen werkzaamheden toch waardevolle informatie opleveren. Daarom geldt in bepaalde situaties een meldingsplicht. Bij een meldingsplicht moet de start van de werkzaamheden van tevoren gemeld worden. Een van de collega’s van Archeologie Deventer kan langskomen om een waarneming te doen. Als er archeologische sporen worden gevonden, worden deze direct gedocumenteerd. Een waarneming duurt meestal niet lang. De kosten van de waarneming zijn voor rekening van de gemeente, maar je kan geen stilstand kosten in rekening brengen.
Vaak zal in een bureauonderzoek eerst een booronderzoek worden gevraagd. Bij een booronderzoek worden boringen gezet met een grondboor. Zo wordt gekeken of de plek geschikt was om te wonen en of de bodem niet al verstoord is. De gemeente Deventer voert dit onderzoek zelf uit als het gaat om werkzaamheden tot 2.500 m². Daarvoor betaal je geen extra kosten. Is het gebied groter dan 2.500 m²? Dan zijn de kosten voor het booronderzoek voor rekening van de aanvrager.
Als blijkt dat de bodem niet verstoord is, zijn er meerdere opties mogelijk:
- Het behouden van de resten in de grond (bijvoorbeeld door het aanpassen van het plan)
- Een proefsleuvenonderzoek
- Een opgraving in het werk
- Een opgraving
Bij grotere gebieden of plekken met een complexe archeologische verwachting wordt vaak gekozen voor een proefsleuvenonderzoek. Hierbij worden sleuven van 4 m breed gegraven, vaak met een tussenafstand van 20 m. Met dit onderzoek kunnen we vaststellen of er archeologische vindplaatsen in het gebied aanwezig zijn, en kan je de vindplaats begrenzen. Op basis van de resultaten van het proefsleuvenonderzoek kan gekozen worden om de resten te behouden, of om deze verder te onderzoeken in een opgraving. Ook kan een gebied op basis van het proefsleuven onderzoek vrijgegeven worden. Deze keuze wordt altijd gemaakt door het Bevoegd Gezag, vertegenwoordigd door de gemeentelijk archeoloog. De kosten van een proefsleuvenonderzoek zijn voor rekening van de aanvrager. Voorafgaand aan het onderzoek moet er altijd een Programma van Eisen worden opgesteld.
Soms wordt archeologisch onderzoek uitgevoerd tijdens de graafwerkzaamheden van een bouwproject. Dit noemen we een opgraving in het werk. Denk bijvoorbeeld aan het aanleggen van een nieuw riooltracé. Het archeologisch onderzoek en het grondwerk vinden dan gelijktijdig plaats. Voordat de werkzaamheden beginnen, worden er met de aannemer op basis van het Programma van Eisen, afspraken gemaakt over hoe het onderzoek wordt uitgevoerd en de doorlooptijd. Door duidelijke afspraken te maken, wordt ervoor gezorgd dat het project zo goed mogelijk verloopt en dat kosten beheersbaar blijven. De kosten van de Archeologische opgraving in het werk zijn voor rekening van de aanvrager. Voorafgaand aan het onderzoek moet er altijd een Programma van Eisen worden opgesteld.
Als uit het proefsleuvenonderzoek blijkt dat op de plek archeologische resten aanwezig zijn en deze niet verder beschermd kunnen worden (behoud), wordt een opgraving uitgevoerd. Dit gebeurt voorafgaand aan de start van de (bouw)werkzaamheden. De kosten van de opgraving zijn voor rekening van de aanvrager. Voorafgaand aan het onderzoek moet er altijd een Programma van Eisen worden opgesteld.